CAO-akkoord: geen draagvlak onder kraamverzorgenden

januari/februari 2017

Het principeakkoord voor de eerste CAO Kraamzorg is terecht afgeschoten door de vakbondsleden van de FNV, CNV, NU91 en FBZ,  stelt ook de Nederlandse Beroepsvereniging van Kraamzorg (NBvK). Het voorstel doet geen recht aan het respect en waardering die kraamverzorgenden verdienen voor het werk dat zij verrichten. Het principe akkoord had geleid tot afbraak van rechten en beloning voor de inzet die kraamverzorgenden 24uur/ 7 dagen per week laten zien.  Het is onbestaanbaar dat kraamverzorgenden zelf moeten gaan betalen om te mogen werken in de kraamzorg onder wat de werkgevers in de kraamzorg een passende loonontwikkeling noemen. Daarbij ondermijnt het voorstel de gezondheid van de ouder wordende kraamverzorgende en ontbreekt het aan goede facilieiten om de kwaliteit en professionele ontwikkeling van kraamverzorgenden te ondersteunen en te borgen. 

BO Geboortezorg, de nieuwe werkgeversorganisatie voor de kraamzorg heeft  helaas zonder moed en verstandig beraad gekozen een cao af te sluiten met alléén de traditionele vakbonden. De NBvK verzoekt al jaren om toegang tot de CAO tafel om zo de kennis en stem van kraamverzorgenden te betrekken bij het vormgeven van goede arbeidsvoorwaarden en omstandigheden voor de 10.000 kraamverzorgenden in Nederland. De NBvK heeft driemaal zoveel leden onder kraamverzorgenden dan FNV, CNV, NU91 en FBZ samen. Met meer dan 2500 leden in loondienst en ruim 600 leden onder ZZP'ers stellen zij de bonden ver in de schaduw.  Zij zijn een actieve en levendige modern vereniging van en voor kraamverzorgenden zelf. Voor BO Geboortezorg bleek echter, ondanks toezeggingen in het voorbereidingsproces vanaf najaar 2015, dat  een partij met 50 leden wel acceptabel is aan de cao tafel maar de NBvK niet. 

Dit alles heeft geresulteerd dat  traditionele vakbondsonderhandelaars, door gebrek aan kennis, met onvolledige  voorstellen en een ronduit schandalige regeling voor reiskosten niet alleen ingestemd hebben maar zelfs een principe-akkoord sloten. Een principe-akkoord betekent dat bestuurders van vakbonden zich hebben uitgesproken om het bij cao commissies en leden met hand en tand te verdedigen. Dat is niet gelukt. De slimme rekenaars van de NBvK doorzagen direct dat het akkoord over een nieuwe reiskostenregeling de kraamverzorgende honderden zo niet duizenden euro's ging kosten. Verder werden zaken als een goede 55+ plus regeling,  de vergoedingen voor reistijd en wachtdiensten, roosterregelingen, goede contracten, de terugbetaling van ORT over vakantiedagen, de kosten van verplichte  bijscholingen en registratie niet, slecht of onvolledig geregeld. Vakbonden weigeren tot de dag van vandaag  om de kennis en ervaring van hun zusters van de NBvK aan de CAO tafel toe te laten. Tenzij de NBvK de vakbonden hier voor betaald. 

Werkgevers kregen zo de mogelijkheid om zonder veel inspanningen goed te verdienen aan deze CAO. Eénmaal omdat ze door de verzekeraars een forse tariefsverhoging gegund was. Tweemaal omdat zij met dit akkoord en de zwakke onderhandelaars vanuit werknemers, nog eens fors hadden kunnen  verdienen ten koste van uitvoerend personeel: de kraamverzorgenden. Door de onkosten  van organisaties die gemaakt moeten worden voor scholing, kwaliteit, planning en reizen te verschuiven van organisatie naar de individuele kraamverzorgenden. Opgeroepen door de NBvK beseften leden van traditionele bonden dat ze fors moesten inleveren en zelfs moesten gaan betalen. Zij stemden het principe-akkoord de prullenbak in.

Nu gaan de bonden en BO geboortezorg het nogmaals proberen, weer zonder de NBvK. Zo blijven belangen van werknemers in de kraamzorg ondergeschikt  aan macht, geld en positie. Er dreigt hierdoor een grote verstoring van de arbeidsmarkt die slechte invloed heeft op de kwaliteit en continuïteit van de kraamzorg en dus de geboortezorg in zijn algemeen. Niet eens door geldgebrek, zoals elders in de zorg. Maar doordat geld voor zorg, niet naar zorg gaat.